Naar de hoofdinhoud
Long Term NL Challenge Long Term NL ChallengeFiets alle gemeenten

Lange routes

Lange fietsroutes door Nederland

Vijf lange routes die door Nederland lopen, elk met een eigen karakter. Ze zijn niet uitgezet voor een gemeentelijst, maar sommige komen daar opvallend goed mee uit: een route die in een lange lijn door het land trekt, kruist veel meer gemeentegrenzen dan een rondje in één streek.

Per route staat hieronder wat je onderweg ziet, wat het zwaar maakt, welk seizoen het beste is en hoe efficiënt hij is voor wie gemeenten verzamelt.

Welke route het beste bij je past hangt af van wat je zoekt. Wie vooral mooi wil rijden, kiest anders dan wie gemeenten afvinkt: de kustroutes zijn het spectaculairst, de riviertrajecten leveren de meeste gemeentegrenzen per dag op. Een vergelijking van de top 5 mooiste fietsroutes van Nederland zet de vijf naast elkaar op afstand, ondergrond en zwaarte.

Alle vijf zijn met knooppunten te rijden, wat onderweg omrijden of inkorten eenvoudig maakt. Voor wie een specifieke provincie wil afwerken is de omgekeerde volgorde vaak handiger: kijk eerst welke gemeenten nog open staan via de provinciegidsen, en zoek daarna de route die daar langs komt.

Lange lijn of rondje

Voor een gemeentelijst is de vorm van een route belangrijker dan de lengte. Een route die in een lange lijn door het land trekt, kruist voortdurend nieuwe grenzen. Een rondje in één streek komt na de eerste dertig kilometer nauwelijks nog nieuwe gemeenten tegen, hoe mooi het onderweg ook is.

Dat verklaart waarom de kustroutes en de riviertrajecten hier het best uitpakken. Ze volgen een natuurlijke lijn — een kust, een dijk, een rivier — en die lijn houdt zich niet aan bestuurlijke grenzen. In de praktijk levert een dag op zo’n route twee tot drie keer zoveel nieuwe namen op als een dag rondjes rijden vanaf huis.

Etappes plannen met de trein

Geen van deze vijf routes is bedoeld om in één keer te rijden. Vrijwel iedereen knipt ze in dagen, en het spoornet maakt dat eenvoudig: je rijdt van station naar station en reist terug met de trein. Buiten de spits mag de fiets mee met een apart fietskaartje.

Handig is om de etappes niet op afstand te knippen maar op stations. Een etappe van tachtig kilometer die op een station eindigt is bruikbaarder dan een van zestig die je in een dorp zonder verbinding achterlaat. Op de kustroutes zit dat goed; langs de Vecht en de Maas liggen de stations verder uit elkaar.

Ondergrond en fietskeuze

Vier van de vijf routes zijn met elke fiets te rijden. De Vechtdalroute is de uitzondering: daar liggen lange stukken zandpad die met smalle banden lastig zijn, vooral na een droge periode wanneer het zand los wordt. Met een gravelbike of mountainbike rijdt dat juist prettig.

Voor de andere vier bepaalt het weer meer dan de ondergrond. Op de dijken en langs de kust staat vrijwel niets in de weg, dus een stevige westenwind kost daar meer energie dan welke helling in Nederland ook. Plan de richting op de voorspelling en niet op de kaart.

Seizoen

Het late voorjaar en de nazomer werken voor alle vijf het beste: minder wind dan in de winter, minder drukte dan in de zomervakantie, en genoeg licht voor een lange dag. De Tulpenroute heeft een korter venster, omdat de velden alleen in april en begin mei in bloei staan.

In de winter blijven de routes gewoon berijdbaar, maar de korte dagen beperken je afstand. Voor wie systematisch gemeenten wegwerkt is dat het seizoen voor de dichte gebieden dicht bij huis, en niet voor de verre etappes langs de kust.

Splitsing van twee verharde fietspaden onder hoge beuken, met een onbeschreven houten paaltje op de kruising.

Elke route linkt naar haar gids met seizoensadvies, zwaarte en de provincies die hij doorkruist.